Verlaging van de wettelijke leenrente

Elke Willemsen - 07 november 2014

Met de ingang van het nieuwe jaar staat er een kleine wijziging te wachten betreft de wettelijke leenrente. Per 1 januari daalt hij namelijk van 3 naar 2 procent, en de maximale leenrente van 15 naar 14 procent. Wat houdt deze wijziging precies in?

Geld lenen kost geld. Het is een verplichte waarschuwing van de AFM die andere kredietverstrekker op zijn website of bij reclame moet plaatsen. Want het afsluiten van een lening, betekent logischerwijs nou eenmaal ook dat je over het geleende bedrag een rentepercentage moet betalen als vergoeding voor de geleverde dienst.

Het rentetarief kan echter enorm verschillen per bank, leenvorm of persoon. Zo betaal je bij de één een rente van 5% over een persoonlijke lening, en bij de ander 7% (verschilt per leenbedrag en persoonlijke situatie). Echter, over het algemeen ligt de rente voor een persoonlijke lening of doorlopend krediet een stuk lager dan de leenrentes bij roodstand, flitskredieten, micro-kredieten of kopen op afbetaling. Deze kunnen zelfs oplopen tot 10 of zelfs 15 procent. Om echter de consumenten te beschermen tegen buitensporige rentetarieven is er door de overheid een maximale wettelijke rente ingesteld. Zo lag in 2014 de wettelijke rente op 3%, en mocht er maximaal 12% bovenop deze wettelijke rente worden gerekend.

Verlaging rente

Door de jaren heen wordt de wettelijke leenrente regelmatig aangepast. Zo bedroeg de maximale wettelijke leenrente in 2001 nog 20%, in 2007 18% en kenden we over 2014 een maximale leenrente van 15 procent. Per 1 januari 2015 staat de wettelijke rente op 2%, en daalt zodoende de maximale leenrente van 15 naar 14 procent. Dit betekent dat banken en kredietverstrekkers al hun kredieten naar het nieuwe rentepercentage moeten verlagen.

Een kredietaanbieder mag dus nooit meer rente vragen voor een lening, maar dit tarief geldt ook voor onderhandse leningen waarbij geld privé wordt geleend, zoals van een vriend, kennis of familielid.

Twee soorten rentes

Officieel zijn er twee soorten wettelijke rentes. De wettelijke rente voor handelstransacties en de wettelijke rente voor niet-handelstransacties. Het eerste tarief geldt voor overeenkomsten tussen bedrijven of bedrijven en overheden. De wettelijke rente voor niet-handelstransacties geldt voor overeenkomsten waarbij een consument is betrokken, zoals leningen. De wettelijke rente voor niet-handelstransactie wordt bepaald door de overheid via een Algemene Maatregel van Bestuur.


ma t/m vrij 9 - 21 & za 10 - 17